Introduction - introductie

This blog is not a trail guide. It is about the beauty and the diversity of Curaçao.
There are dry months and wet months, days with wind or storm or no breeze at all.
Due to the weather conditions, you may find he trails to be very different from what our pictures show.

Most recent hikes are described in Dutch, the other entrees are in English. Our main object is to show the beauty of the island. We cannot always give exact directions of trail heads or ends.
Many trails tend to change. Also, the maintenance depends on
enthusiastic volunteers.

Important: never go hike alone! When visiting popular places like the Salt pans of Jan Kok or Ascencion Bay don't get out of your car unless other people are there. Leave money, cards and other valuables at the Hotel.
If you have no one to come with you, take a hiking tour with a guide. Please read the page with
tips and info
!
Do not touch the
Manzanilla tree or its leaves and apples. They are poisonous.
Enjoy Hiking Curaçao!
______________________________________________________________________________________________________

Rif Marie wandelverslag 06-07-. 2014

Ieder had gelukkig zijn gasten meegenomen, zodat we toch nog met een redelijk aantal wandelaars aan de Rif st. Marie tocht konden beginnen. 


De kerk van Williwood lieten we aldra achter ons en storten we ons in de onverharde paden die ons naar het binnenmeer van Rif Marie leidden. Een verkoelend windje maakte de temperaturen, die weer behoorlijk beginnen op te lopen, draaglijk.

 

Het oude landhuis geen pan meer op het dak en zelfs de binten en de dakspanten waren niet meer je dat. Daar schrokken we wel even van. De scheefstaande belpalen waren nog niet weggebuldozert.
Rondom kon je nu gemakkelijk de overblijfselen van vroegere tijden bewonderen. De tocht langs de rand van het meer voerde ons naar de indgo bakken. Ook hier was de oorspronkelijke staat flink aangetast.


Onderweg kwamen we de Bringa Mosa ( vechtend meisje ) tegen met een enkel wit bloemetje. De hulpvaardige Flaira stond er naast om pijn en jeuk zo snel mogelijk weg te nemen als door die vervelende Bringa Mosa geprikt bent.
De Oliba droeg een enkel rose bloem.
De peulen van de Watapana lagen op de grond nog bruiner te worden.
De Bruska met zijn vele gele bloemetjes werd door velen gemist en aan de stoffige Tabacco di Pescador miste niemand iets of was zelfs niet opgevallen, want we spoedden ons voort om het buislopen te beoefenen.



De gele oliekering lag er nog voor preventieve doeleinden. Het zou toch niet weer een keer kunnen gebeuren, dat iemand de oliekraan opendraait. Het lukte iedereen om heelhuids zonder natte voetten aan de overkant te komen.


En wat smaakt zo'n slok water dan toch lekker. Het pad langs het meer was beschaduwd en misschien wel daardoor misten velen de oude kalkoven. Gelukkig heb ik nog een foto ervan kunnen maken.


We zagen geen Flamingo in de zoutpannen. Dit kwam doordat we niet om een hoekie kunnen kijken, want ze waren er wel.
Het laatste stukje langs de snelweg is het minst geslaagde. Maar het met levensgrote letters aangegeven dat we in Williwood waren, gaf een Poezieachtig gevoel.
De kerk van Willibrordus bereikten we na 2uur en 20 minuten wandelen. Kelen smeren en op naar huis. Groetend, GK.

Wandelverslag Steenbrekerij, Boca Santa Pretu, Supplados, Spuitgat en Boca Patrick. 13-07-2014

Aan de voet van het graf van de slavenopzichter Martin van Ascencion stonden we braaf te wachten tot iedereen die wilde wandelen er was.



Even verderop stalden we onze autos in bewoonde buurt. Precies klokkeslag vier vertrokken we met zijn negenen over de oude weg naar Westpunt om bij de slagboom langs het flink uitgedunde Kokospalmenbos te lopen.


Een weggetje naar een put was vrijgemaakt en als je even niet oplette, was je ook zo de Magazina voorbij. De Seru Kosta stond ons al op te wachten.



Aan de kust gekomen sloegen we richting west naar de oude steenbrekerij. Vermoedelijk is er een oudijzer opkoper langs geweest, want de meeste staketsels en overblijfselen van de brekerij waren verdwenen. Hier en daar lag nog wat oudroest verspreid en de gebouwtjes hadden hun beste tijd duidelijk gehad. Het wilde water werd hoog opgestuwd in de heilige zwarte monding ( Boca Santa Pretu ) en we werden daardoor een beetje nat door het sproeiwater.


Het waterspel over de Supplados was een lust voor het oog en de sproei uit het Spuitgat liep de spuigaten uit. Overigens wilde iemand een rondje maken rond het Spuitgat, maar toen er verteld werd, dat de krabben dat niet leuk vonden, werd er maar van afgezien.



Boca Patrick altijd weer een verhaal apart. De betoverende uitstraling van deze grillig gevormde boca brengt ons in de ban van sprookjes en legenden. Hier zou toch niet Neptunis met zijn gevolg een maanlicht B.B.Q. hebben gehouden op deze geweldige plek?




De veelarmige Green Tara zou zich rot geschrokken hebben, als ze zo'n bewierde zeegod met op zijn drietand een worstje, een kippepootje en een krabbetje geprikt had gezien. Afijn, de Green Tara liet het ook afweten en de Schorpioenen van de Seru Bayan werden door ons niet opgemerkt.




De weg naar de parkeerplaats was gezellig lang en onze bolides vonden we net zo terug als we ze hadden neergezet. Immer een opluchting.


Verslag en foto's: GK.

Wandelverslag Weitje - 20-07-2014

Het bordje met het opschrift "Pas op je ijsje" zoals het vanuit de verte leek, deed me denken aan de badplaats Polzaeth in Noord Cornwall, waar de meeuwen het brutale lef hebben om je ijsje uit je hand te pikken.

Gelukkig las ik dichterbij komend dat het hier "Paso Gijsje" betrof. Een nieuw aangelegd paadje door de mondi aan de voet van Seru Manuel Kuiper slingerend gevormd door Gijsje. Geen flessen van Lucas Bols langs het pad, zelfs geen scherfje.


Het pad kwam uit bij een grote Bringa Mosa (vechtend meisje), waar we rechtsaf moesten om naar het bouwvallige landhuis Weitje te gaan. Onderweg kwamen we een grote boom tegen met witte samengestelde bloemen, waarvan de meeldraden buiten de bloemkroon hingen voor een betere bestuiving door de vogels en insecten.


Volgens de zakflora van "Wat in het wild groeit en bloeit" door frater Arnoldo lijkt de bloem van de Crataeva gynandra te zijn. Hoe ik dat in het papiamentu moet vertalen, daar schiet mijn kennis te kort voor. De boom zou een Palu di Sia Cora kunnen zijn.


We vervolgden onze weg en de voorhoede had kennelijk besloten om via gindse heuvel de achterkant van het Weitje te benaderen. Op de heuvel aangekomen hadden we een magnifiek uitzicht over de  kaalgeschoren omgeving met als middelpunt het landhuis Weitje.


 

Enkele planten en bomen zoals de Katuna di Seda en Yerba di Kerkhof en verwelkte opengespleten vruchten van de Marie Pompoen stonden de troosteloosheid van de afbraak te benadrukken. Een door ons niet eerder gelopen paadje bracht ons diep in de natuur en na het heuveltopje genomen te hebben, vonden we een doosje met een opschrijfboekje van wie hier allemaal geweest waren.


In ons beste geheimschrift hebben wij ook het nageslacht verwittigd, dat ons pad deze heuveltop kruiste. Even later stonden we ons te vergapen aan de Bonchi Kabei, waarvan de rode zaden her en der voor het oprapen verspreid lagen. Langs de rand van de Kalbasroute vervolgden we onze weg naar ons uitgangspunt. Zoals gewoonlijk in het zicht van de haven stranden de meeste schepen.


Het paadje was moeilijk te vinden en de voorhoede had blijkbaar nog niet genoeg van het Weitje. Gelukkig heeft iedereen de weg terug gevonden al kostte het me wel een extra rondgang. Voor de volgende week zou San Pedros Sculpturen of het Verzonken Bos een keus kunnen zijn. Groetend, GK

Wandeling Jan Kok zoutpannen.



Beste Wandelaars,
 
Komende zondag gaan we wandelen op Rif Marie om lekker uit te waaien van al die wk voetbal ellende.


We verzamelen bij de kerk van Williwood ( Willibrordus ) om 15.45 uur. Langs de Lagune van Rif Marie zien we het vervallen landhuis in de verte en lopen vervolgens langs de lagune richting Coral Estate waar we "en route" indigo bakken tegenkomen. 




Over het pad onderlangs de rotswand met zijn vele spelonken naderen we de kust , waar het kustpad overgaat in koraalsteen. In de verte zien we het C.O.T. ( Curacao Oil Terminal ) liggen. 


Over de buis, wat altijd weer een spannend evenement is, hyken we langs de zoutpannen van Jan Kok, waar we mogelijk Flamingos kunnen waarnemen. Terug over de weg is het uitkijken geblazen vanwege het vele verkeer.
Duur ongeveer twee en een half uur.
GK.