Introduction - introductie

This blog is not a trail guide. It is about the beauty and the diversity of Curaçao.
There are dry months and wet months, days with wind or storm or no breeze at all.
Due to the weather conditions, you may find he trails to be very different from what our pictures show.

Most recent hikes are described in Dutch, the other entrees are in English. Our main object is to show the beauty of the island. We cannot always give exact directions of trail heads or ends.
Many trails tend to change. Also, the maintenance depends on
enthusiastic volunteers.

Important: never go hike alone! When visiting popular places like the Salt pans of Jan Kok or Ascencion Bay don't get out of your car unless other people are there. Leave money, cards and other valuables at the Hotel.
If you have no one to come with you, take a hiking tour with a guide. Please read the page with
tips and info
!
Do not touch the
Manzanilla tree or its leaves and apples. They are poisonous.
Enjoy Hiking Curaçao!
______________________________________________________________________________________________________

Wandelverslag San Pedro. 08-03-2015

Foto's: G.K.
De ene boom is de andere niet. De ene staat volop in bloei, zie de Chicala langs de weg met zijn geweldige gele tooi, en de andere zoals de Clusia met drie zielige bloemen, waarvan er eentje bruin leek, omdat ze  uitgebloeid was.
Ik hoef geen geschiedsfluiter te zijn om het verschil te zien en heb ook geen videocamera nodig om te zien of een bloem in knop staat of al overgegaan is in de gedaante van een zaaddoos.


De weg was breed in de aanloop naar het klimmetje naar de grot en ik hoorde iemand zeggen, daar loopt G. met zijn vrouwenharem, want vandaag is het de 'Dag van de Vrouw'. Gelukkig geen BokkeHarem ( Boko Haram ), want dat zou mijn grootvader zaliger, waar ik naar vernoemd ben, me nooit vergeven hebben.
De voerman lag in geen geval te rusten, er was zelfs geen karretje in de buurt, maar de weg was wel breed. Hier kunnen we lang en breed over discussieren, maar daar kom je geen stap mee verder en dan hadden we zeker het verscholen paadje naar de grot nooit gevonden.
Het paadje ging langzaam over in een rotsachtige klim, die ons naar de sinistere grot voerde. Hier werd even halt gehouden om van het uitzicht te genieten. De oude vleren gaven niet thuis. Daardoor waren we eerder bij de Clusia.
Het steile stoepje gaf geen probleem. Al snel stond een ieder om de Clusia heen verzameld en zich te vergapen aan die ene bloem. We hebben haar Charlie gedoopt, want die was ook vaak eenzaam.
Ook het spletenlandschap gaf geen onoverkomelijke hoofdbrekens. Voorzichtig over de scheurtjes heenstappend bereikten we de achterkant van de Clusias. Ook hier hetzelfde gezicht een bloem en die bruine uitgebloeide dan. Voorts stonden hier meer knoppen en zaaddozen, volgens mij. Maar als iemand het beter weet, mag hij de volgende keer het verslag schrijven.

Grote verrassing wachtte ons: een weg op het terras, dat in het niets begint en in het niets eindigt. Het leek vrij goed onderhouden, maar dat kan ook gezichtsverlies zijn.
Men heeft mij verteld dat deze weg voor de afvoer van het fosfaat gebruikt werd en dan moet de weg toch ergens geeindigd zijn.
Het paadje naar de bouwval met een panoramisch uitzicht over het kustgedeelte wilde iedereen natuurlijk niet missen. Daar dit een punt van keren was op een smal pad grepen sommigen naar de fles, want door de met zout vertroebelde ogen moet je goed voorbereid zijn om het paadje van heen weer terug te kunnen vinden.


Langs een slingerend maanlandschap pad omzoomd met Flairas, Sali. Indigo en Olibas bereikten we de Mina di Fosfaat. Hoe diep die was? Een vallende steen gaf geen plons. Heel diep dus. We vervolgde onze route en kwamen bij de afdaling aan. Het is altijd weer even schrikken, maar al zittend en achterste voren lukte het. Sommigen klaagden dat ze puntige billen hadden van al dat afdalen, maar jammer genoeg hadden we niet genoeg expertise bij ons om dat te controleren.


De overhang is altijd weer een plaatje apart. Een beloning, die je de narigheid van de doodsverachtende afdaling doet vergeten. Eigenlijk hadden we moeten wachten tot de zon onderging, want het schijnsel van de ondergaande zon geeft een goudkleurig effect aan het zandgesteente. Helaas, de schildpadden wachten ons. Al schuifelend daalden we het pad met zijn losliggend gesteente af.

Een prachtig mondipad bracht ons naar de weg, die naar de tortugas leidde. Op de T-kruising hing een vrucht van de Marie Pompoen aan de beige stengel. Jammer genoeg moeten de vooroplopers hem/haar over het hoofd hebben gezien. In de volksmond wordt hij " Kabes di Maricu " genoemd.


Ook hier een fantastisch uitzicht naar het landhuis Ascencion en de Kaya Kaya velden. Het bankje bij de ingang van de Boca Ascencion, vroeger Plastic baai genoemd, zag er inviterend uit. De zee was ruw , veel schuim, waardoor het zicht op de kopjes van de schildpadden zodanig werd beinvloed, dat we ons afvroegen zien we hem wel of was dat iets anders.

De terugweg is immer een gang van bezinning. Het laat je nog even de gebeurtenissen van de tocht kapitaliseren. Na 2 en een 1/2 uur waren we weer bij onze bolides aangeland. Voor de volgende week moet ik de  wandellijst raadplegen. U hoort nader. Met een vrolijke wandelgroet, Groetend, G.K..

Wandelverslag Rif Marie 01-03-2015

Beste Wandelaars, De lucht was dreigend, elk ogenblik kon de bui losbarsten. Zoals dat meestal gaat, barstte het niet, maar begon het langzaam te miezeren.



De indigobakken konden we met nog droge ogen aanzien en ook van al die bomen - en struikennamen kregen we het klamme zweet niet in de handen, maar aan het einde van het pad, waar de route in asfalt overgaat, werden de ponchos en parapluutjes te voorschijn gehaald.



We volgden het geitenpad en de zandweg langs de mysterieuse grotten, waar vroeger indianen hun schuilplaats vonden. Het grottenstelsel is net als gapende monden, versierd met stalag-tieten en mieten. Hier en daar zie een drakenkop die als een spookachtig tafereel aandoet. Vroeger was er nog wel een held te vinden die een vertwijfelde poging waagde om zo'n nis binnen te klimmen. Heden ten heeft de ondermoed toegeslagen.



We liepen langs de Mata Pesca, Bruska, Watapana en Basora Cora Shimaron regelrecht naar de kust, waar het wonderlijke panorama van oliecontainers zich over het water aan de horikim aan ons ontvouwde. Gelukkig waren de vissers met vakantie, want er stond volop Tabbacco di Pescador in bloei.



We moesten verder over het koralen geplaveide pad, dat ietwat het tempo drukte. Het zeewater stond hoog en de koraalstenen waren glibberig geworden van het opspattende. Voorzichtig als de egeltjes, glibberden wij voort.

.

Een tot nu toe onbekend persoon was uit zijn overall gestapt om wellicht een verfrissende duik te nemen. Onder zijn schoen lag een briefje " Hier ligt Piet, we zien hem niet".



De buis altijd weer een evenement en zeker voor degenen die het kunststukje al gedaan hadden. Iemand probeerde nog om de hondjes te sturen om de helpende hand te bieden. Zelfs deze truck lukte niet om iemand uit zijn/haar evenwicht te brengen.



Het water in de lagune stond hoog en dat was te merken aan de modderige paden en de talloze grote zwarte muggen. Het tempo ging dan ook met sprongen omhoog en voordat de meesten het wisten, waren ze de kalkoven voorbijgesneld

.

Normaal is het Gorillas in de mist, maar nu was het de kalkoven in de rook. Iemand had een vuurtje gestookt, waarschijnlijk om de muggen op afstand te houden.



De zoutpannen van Jan Kok gaven een aanblik van moddersporen en plassen, waar zich geen reiger en flamingo vertoonde. Even verderop stonden nog wel een paar flamingos te kleumen. Ja, het had net nog geregend. Al stampvoetend probeerden we de modder van onze wandelschoenen te verwijderen. Bij thuiskomst ontdekte ik, dat dit maar ten dele is gelukt.
Met een vrolijke wandelgroet, Groetend, G.K.